Eliminar anuncios

Inglés

Traducciones detalladas de receive de inglés a neerlandés

receive:

to receive verbo (receives, received, receiving)

  1. to receive
    ontvangen; krijgen; in ontvangst nemen; opstrijken
    • ontvangen verbo (ontvang, ontvangt, ontving, ontvingen, ontvangen)
    • krijgen verbo (krijg, krijgt, kreeg, kregen, gekregen)
    • in ontvangst nemen verbo (neem in ontvangst, neemt in ontvangst, nam in ontvangst, namen in ontvangst, in ontvangst genomen)
    • opstrijken verbo (strijk op, strijkt op, streek op, streken op, opgestreken)
  2. to receive
    aanpakken; aanvatten
    • aanpakken verbo (pak aan, pakt aan, pakte aan, pakten aan, aangepakt)
    • aanvatten verbo (vat aan, vatte aan, vatten aan, aangevat)
  3. to receive (accept; collect)
    ontvangen; accepteren; aannemen; aanvaarden; in ontvangst nemen
    • ontvangen verbo (ontvang, ontvangt, ontving, ontvingen, ontvangen)
    • accepteren verbo (accepteer, accepteert, accepteerde, accepteerden, geaccepteerd)
    • aannemen verbo (neem aan, neemt aan, nam aan, namen aan, aangenomen)
    • aanvaarden verbo (aanvaard, aanvaardt, aanvaardde, aanvaardden, aanvaard)
    • in ontvangst nemen verbo (neem in ontvangst, neemt in ontvangst, nam in ontvangst, namen in ontvangst, in ontvangst genomen)
  4. to receive (contract; get; catch)
    oplopen; onverlangd krijgen; opdoen
  5. to receive (catch on the way; intercept)
    opvangen; onderscheppen; ondervangen; afvangen; onderweg opvangen
    • opvangen verbo (vang op, vangt op, ving op, vingen op, opgevangen)
    • onderscheppen verbo (onderschep, onderschept, onderschepte, onderschepten, onderschept)
    • ondervangen verbo (ondervang, ondervangt, onderving, ondervingen, ondervangen)
    • afvangen verbo (vang af, vangt af, ving af, vingen af, afgevangen)
  6. to receive (learn; gain; absorb; collect)
    leren; kennis opdoen; opsteken; meekrijgen; oppikken; meepikken
    • leren verbo (leer, leert, leerde, leerden, geleerd)
    • opsteken verbo (steek op, steekt op, stak op, staken op, opgestoken)
    • meekrijgen verbo (krijg mee, krijgt mee, kreeg mee, kregen mee, meegekregen)
    • oppikken verbo (pik op, pikt op, pikte op, pikten op, opgepikt)
    • meepikken verbo (pik mee, pikt mee, pikte mee, pikten mee, meegepikt)

Conjugaciones de receive:

present
  1. receive
  2. receive
  3. receives
  4. receive
  5. receive
  6. receive
simple past
  1. received
  2. received
  3. received
  4. received
  5. received
  6. received
present perfect
  1. have received
  2. have received
  3. has received
  4. have received
  5. have received
  6. have received
past continuous
  1. was receiving
  2. were receiving
  3. was receiving
  4. were receiving
  5. were receiving
  6. were receiving
future
  1. shall receive
  2. will receive
  3. will receive
  4. shall receive
  5. will receive
  6. will receive
continuous present
  1. am receiving
  2. are receiving
  3. is receiving
  4. are receiving
  5. are receiving
  6. are receiving
subjunctive
  1. be received
  2. be received
  3. be received
  4. be received
  5. be received
  6. be received
diverse
  1. receive!
  2. let's receive!
  3. received
  4. receiving
1. I, 2. you, 3. he/she/it, 4. we, 5. you, 6. they

Palabras relacionadas con "receive":


Sinónimos de "receive":


Antónimos de "receive":

  • say farewell

Definiciones relacionadas de "receive":

  1. convert into sounds or pictures1
    • receive the incoming radio signals1
  2. receive a specified treatment (abstract)1
    • These aspects of civilization do not find expression or receive an interpretation1
    • His movie received a good review1
  3. regard favorably or with disapproval1
    • Her new collection of poems was not well received1
  4. accept as true or valid1
    • He received Christ1
  5. bid welcome to; greet upon arrival1
  6. partake of the Holy Eucharist sacrament1
  7. express willingness to have in one's home or environs1
    • The community warmly received the refugees1
  8. register (perceptual input)1
  9. go through (mental or physical states or experiences)1
    • receive injuries1
  10. receive as a retribution or punishment1
  11. get something; come into possession of1
    • receive payment1
    • receive a gift1
    • receive letters from the front1
  12. have or give a reception1
    • The lady is receiving Sunday morning1
  13. experience as a reaction1
  14. To accept data from an external communications system, such as a local area network (LAN) or a telephone line, and store the data as a file.2

Traducciones automáticas externas:
Images:

Traducciones relacionadas de receive



Eliminar anuncios

Eliminar anuncios