Resumen
Neerlandés a inglés:   más información...
  1. wip:
  2. wippen:
  3. Wiktionary:
  4. User Contributed Translations for wip:
    • seesaw


Neerlandés

Traducciones detalladas de wip de neerlandés a inglés

wip:

wip [de ~ (m)] sustantivo

  1. de wip
    the moment

Translation Matrix for wip:

NounTraducciones relacionadasOther Translations
moment wip minuutje; moment; ogenblik; oogwenk; seconde; tel; tijdstip

Palabras relacionadas con "wip":


Wiktionary: wip

wip
noun
  1. act of sexual intercourse
  2. sexual partner

Cross Translation:
FromToVia
wip lever; seesaw; teeter-totter basculepièce de bois ou d’autre matière soutenir par le milieu de manière qu’en pesant sur l’un des bouts on fait lever l’autre.
wip instant; moment; time momentpoint dans le temps.

wippen:

wippen verbo (wip, wipt, wipte, wipten, gewipt)

  1. wippen (ten val brengen)
    to topple; to overthrow; to overturn; to bring down
    • topple verbo (topples, toppled, toppling)
    • overthrow verbo (overthrows, overthrew, overthrowing)
    • overturn verbo (overturns, overturned, overturning)
    • bring down verbo (brings down, brought dowm, bringing down)

Conjugaciones de wippen:

o.t.t.
  1. wip
  2. wipt
  3. wipt
  4. wippen
  5. wippen
  6. wippen
o.v.t.
  1. wipte
  2. wipte
  3. wipte
  4. wipten
  5. wipten
  6. wipten
v.t.t.
  1. heb gewipt
  2. hebt gewipt
  3. heeft gewipt
  4. hebben gewipt
  5. hebben gewipt
  6. hebben gewipt
v.v.t.
  1. had gewipt
  2. had gewipt
  3. had gewipt
  4. hadden gewipt
  5. hadden gewipt
  6. hadden gewipt
o.t.t.t.
  1. zal wippen
  2. zult wippen
  3. zal wippen
  4. zullen wippen
  5. zullen wippen
  6. zullen wippen
o.v.t.t.
  1. zou wippen
  2. zou wippen
  3. zou wippen
  4. zouden wippen
  5. zouden wippen
  6. zouden wippen
diversen
  1. wip!
  2. wipt!
  3. gewipt
  4. wippend
1. ik, 2. je/jij, 3. hij/zij/het, 4. we. 5. jullie, 6. zij/ze

Translation Matrix for wippen:

VerbTraducciones relacionadasOther Translations
bring down ten val brengen; wippen afwaarderen; devalueren; naar beneden brengen; neerbrengen; neerhalen; neerleggen; neersabelen; omlaagbrengen; onderuit halen
overthrow ten val brengen; wippen
overturn ten val brengen; wippen dompen; kantelen; kiepen; ombladeren; omkeren; omslaan; omver kiepen; plotseling veranderen
topple ten val brengen; wippen lazeren

Palabras relacionadas con "wippen":


Wiktionary: wippen

wippen
verb
  1. to jump
  2. coarse slang: have sexual intercourse
  3. to have sexual intercourse with

Cross Translation:
FromToVia
wippen make love; have sex; fuck baiser — Avoir des relations sexuelles.
wippen flip; seesaw; topple basculer — Faire un mouvement de bascule.

Traducciones relacionadas de wip