Resumen
Neerlandés a sueco:   más información...
  1. aansteller:
  2. Wiktionary:


Neerlandés

Traducciones detalladas de aansteller de neerlandés a sueco

aansteller:

aansteller [de ~ (m)] sustantivo

  1. de aansteller (iemand die zich aanstelt; komediant; komediespeler)

Translation Matrix for aansteller:

NounTraducciones relacionadasOther Translations
person full av överdrifter aansteller; iemand die zich aanstelt; komediant; komediespeler

Wiktionary: aansteller

aansteller
noun
  1. iemand die zich aanstelt

Cross Translation:
FromToVia
aansteller lipsill crybaby — easily hurt