Resumen
Neerlandés a sueco:   más información...
  1. verdicht:
  2. verdichten:
  3. Wiktionary:


Neerlandés

Traducciones detalladas de verdicht de neerlandés a sueco

verdicht:

verdicht adj.

  1. verdicht (fictief; denkbeeldig; geveinsd; aangenomen; gefingeerd)
    fiktiv

Translation Matrix for verdicht:

ModifierTraducciones relacionadasOther Translations
fiktiv aangenomen; denkbeeldig; fictief; gefingeerd; geveinsd; verdicht

Palabras relacionadas con "verdicht":

  • verdichte

verdichten:

verdichten verbo (verdicht, verdichtte, verdichtten, verdicht)

  1. verdichten (verzinnen; bedenken; uitdenken; fantaseren; voorwenden)
    uppfinna; konstruera; hitta på
    • uppfinna verbo (uppfinner, uppfann, uppfunnit)
    • konstruera verbo (konstruerar, konstruerade, konstruerat)
    • hitta på verbo (hittar på, hittade på, hittat på)

Conjugaciones de verdichten:

o.t.t.
  1. verdicht
  2. verdicht
  3. verdicht
  4. verdichten
  5. verdichten
  6. verdichten
o.v.t.
  1. verdichtte
  2. verdichtte
  3. verdichtte
  4. verdichtten
  5. verdichtten
  6. verdichtten
v.t.t.
  1. heb verdicht
  2. hebt verdicht
  3. heeft verdicht
  4. hebben verdicht
  5. hebben verdicht
  6. hebben verdicht
v.v.t.
  1. had verdicht
  2. had verdicht
  3. had verdicht
  4. hadden verdicht
  5. hadden verdicht
  6. hadden verdicht
o.t.t.t.
  1. zal verdichten
  2. zult verdichten
  3. zal verdichten
  4. zullen verdichten
  5. zullen verdichten
  6. zullen verdichten
o.v.t.t.
  1. zou verdichten
  2. zou verdichten
  3. zou verdichten
  4. zouden verdichten
  5. zouden verdichten
  6. zouden verdichten
diversen
  1. verdicht!
  2. verdicht!
  3. verdicht
  4. verdichtend
1. ik, 2. je/jij, 3. hij/zij/het, 4. we. 5. jullie, 6. zij/ze

Translation Matrix for verdichten:

VerbTraducciones relacionadasOther Translations
hitta på bedenken; fantaseren; uitdenken; verdichten; verzinnen; voorwenden achter komen; grimeren; uitvinden; voorjokken; voorliegen
konstruera bedenken; fantaseren; uitdenken; verdichten; verzinnen; voorwenden in het leven roepen; maken; ontwerpen; scheppen
uppfinna bedenken; fantaseren; uitdenken; verdichten; verzinnen; voorwenden in het leven roepen; maken; scheppen; uitvinden

Wiktionary: verdichten


Cross Translation:
FromToVia
verdichten trycka serrer — Renfermer, ranger, mettre en lieu sûr, à l’abri. (Sens général).